Vanuit de omgeving
Bijna elke hond of kat wordt regelmatig met wormen besmet. Zij worden besmet door spoelwormeitjes uit de omgeving. Deze eitjes komen in de omgeving terecht via de ontlasting van een besmette hond of kat en moeten eerst enkele weken rijpen voordat ze besmettelijk zijn. Besmetting vindt plaats doordat grond met eitjes aan de vacht blijft plakken.
|
Jonge dieren
Jonge dieren kunnen bovendien op onderstaande manieren besmet raken: - De infectie kan al voor de geboorte in de baarmoeder ontstaan (pups).
- Door het drinken van, met larven besmette, melk van de moeder kan een pasgeboren dier met wormen worden besmet (pups en kittens).
- Jonge dieren kunnen ook wormeitjes uit de omgeving (mand, ligplaatsen, tuin, park, etc.) oplikken en zo zichzelf besmetten.
|
Besmetting met lintwormen
Het eten van rauw vlees, slachtafval of knaagdieren houdt voor uw huisdier ook een risico op (lint)wormbesmetting in. Bovendien kunnen huisdieren lintwormen krijgen via vlooien. Vlooien kunnen namelijk met lintwormen besmet zijn en doordat huisdieren vlooien oplikken, kunnen ze dus op deze manier ook met lintwormen besmet raken. Zorg daarom dat uw hond of kat ook tegen vlooien wordt beschermd.
|
Besmetting met Giardia
- Besmetting met Giardia ontstaat door opname van eitjes.
- Deze eitjes bevinden zich in uitwerpselen van met Giardia bemette dieren.
- In de darmen komen de parasieten vrij uit ingeslikte eitjes.
- Parasieten hechten zich aan het slijmvlies van de darmwand en produceren nieuwe eitjes.
- Deze eitjes worden met de ontlasting uitgescheiden en zijn een direct besmettingsgevaar voor andere dieren.
|